Historie

Het ontstaan

Op 9 december 1897 werd in Scharnegoutum een koor opgericht, de christelijke zangvereniging “Soli Deo Gloria”.
Alleen een regelement  van deze vereniging is in het archief van de Martens Cantorij bewaard gebleven.
Het koor  zong  met name op hoogtijdagen zoals met Kerst, Pasen en Koninginnedag.
De vader van mevrouw  Anna Heeringa (erelid van de Martens Cantorij), was lid van de voorloper van het huidige koor. Rond 1925 was deze vereniging min of meer slapend.

Sommige meisjes (Juffer W. Wiersma en Mevrouw de Jong)  hielden van zingen en vroegen zich af  wat je moest doen om een zangvereniging op te richten. Ze meldden zich bij de schoolmeester (van Loon), maar kregen nul op het request. De meester had het druk met de school en het korps. Maar tijdens een wandeling met anderen (Tine  v.d. Heide en Jikke Boersma)   werd het idee geopperd om aan de  “lichtpaal”  bij “Elim” een briefje te plakken, met als tekst: “Om te komen tot het oprichten eener zangvereniging. Dinsdagavond half acht in Reoboth”.
Dit leidde tot de oprichting van de Christelijke zangvereniging “God is mijn lied” op  26 augustus 1927,  nadat een tweetal eerdere pogingen, waarbij er te weinig vertegenwoordigers van het mannelijke geslacht aanwezig waren,  mislukten. Het koor begon met 20 dames en 12 heren.
Aanvankelijk mochten er alleen alleenstaanden lid zijn ( een idee van de vrijgezelle dames?) . Dit werd in 1928 veranderd.
Op 5 september 1927 hield de zangvereniging haar eerste vergadering. De directeur verdeelde de stemmen (sopraan, alt, tenor en bas). Omdat er geen muziek was, werd er die eerste avond weinig geoefend.

De optredens

De zangvereniging liet horen wat ze kon. Dit betekende een (donateurs) concert. Uit de verhalen blijkt dat dit een soort bonte avond was: Naast de à cappella muziek van de zangvereniging, werden een voordracht gehouden,  gedichten voorgelezen,   tableau vivants uitgevoerd en traden solisten op (instrumentaal of vocaal).
Een avond begon rond zeven uur en  tussen tien en elf uur ging men huiswaarts.

Tegenwoordig duurt een concert ruim een uur, soms met een groot koorwerk, met solisten en  begeleiding een andere keer een uitvoering met diverse werken uit verschillende stijlen, vaak met eigen solisten.

De competitie

De meeste zangverenigingen sloten zich aan bij een landelijke zangersbond.  Zo ook “God is mijn Lied”. Zij werd lid van de Nederlandse Christelijke Zangers Bond . Tegenwoordig de Koninklijke Christelijke Zangersbond (KCZB).
De landelijke bond heeft als doelstelling het niveau van de zangverenigingen op een hoger peil te brengen. Dit wordt gedaan door het houden van concoursen. Op een concours zingt een zangvereniging of  koor twee stukken: een verplicht stuk en een door het koor te kiezen werk.
De uitvoering wordt beoordeeld door 3 juryleden. Er wordt een cijfer gegeven op zuiverheid, uitspraak, ritmiek, klankgehalte, nuancering, opvatting en samenzang. Het totaal aantal punten van de 3 juryleden bepaalt of men een eerste, tweede of derde prijs heeft behaald.  Het koor krijgt ook een schriftelijk verslag van het  optreden.

Door de zangvereniging uit Scharnegoutum werd vaak meegedaan aan het “Priissjongen”, zoals het concours bij de afdeling Friesland heette.  Er werd een aantal  keren de hoogste prijs behaald, die beloond wordt met de zogenaamde “Noardske  Balke”.  In de tijd dat het koor onder leiding van Bennie Huisman en Sjoerd Tolsma stond,  heeft het koor zowel de “grutte” als de “lytse” Noardske Balke behaald.  Het koor, rond 1990 veranderde de naam in “Kristlik Mingd Koar Skearnegoutum”,  was één van de betere koren die deelnam aan het concours.
Het publiek was steeds benieuwd wat het koor ten gehore bracht. Vooral de verplichte concoursstukken waren vaak razend moeilijk. Op deze concoursen werd als vrij nummer  regelmatig een werk van Mendelsohn  uitgevoerd.   Het Mingd Koar werd daarom een echt Mendelsohn- koor genoemd.
Aan het priissjongen doet de zanggroep de laatste tijd niet meer mee.

Wel wordt meegedaan aan het “concours” van de Federatie van koren en korpsen in de gemeente Wymbritseradeel. Eén keer per jaar wordt op een federatieavond door een aantal koren uit Wymbritseradiel gezongen. Een jurylid beoordeelt de uit te voeren werken.

De Cantorij

Het koor heeft zich ontwikkeld tot een groep die vooral veel klassieke religieuze muziek ten gehore brengt. 
Dit vindt zijn uiting in het uitvoeren van één of meerdere grote werken per jaar. Daarnaast vervult het koor een liturgische rol in de PKN Scharnegoutum / de Slachsang. In 1999 werd de naam gewijzigd in: ” Martens Cantorij”.

Onder leiding van de huidige dirigent wordt veel aandacht besteed aan  stemvorming  en de koorklank.
Ook worden regelmatig studiedagen gehouden waarop een zangdocent wordt uitgenodigd. Om ook niet leden eens kennis te laten maken met het koor, is een aantal keren een project uitgevoerd, waarin men kon meedoen.

Bijzonder is de slotrepetitie aan het einde van het zangseizoen die wordt afgesloten met een kort concert, waarbij het publiek actief wordt betrokken.

Hoogtepunten  

  • Uitvoering van het Requiem van Gabriël Fauré in  Sneek en in Scharnegoutum
  • Passiemuziek in de kerk van Boazum
  • Het Evangelie naar Maria in Leeuwarden en in Wassenaar
  • Evensong in Heerenveen
  • Kerstconcert met Hymne in Sneek
  • Requiem van Frank van Nimwegen in Sneek
  • Vanuit de stilte in Boazum o.a. werken van John Dowland en Arvo Part.
  • Televisieopnamen van de RKK in de Martinuskerk in Sneek.
  • Concert met saxofoniste Edith Bakker in Oosthem.
  • Uitvoering FEMUZA in de schouwburg in Sneek.

Directeuren

De volgende directeuren ( in vroeger tijden sprak me van de directeur van het koor en niet van de dirgent) of dirigenten heeft de Martens Cantorij gekend:

  • Master Rinzema  enkele weken
  • Faber, Bolsward                                          1927 – 1932
  • Muizelaar,  Koudum                                   1932 – 1934
  • Hoekstra, Nijland                                        1934 – 1945
  • Hoogeweg                                                    1945 – 1952
  • Kornelus, Oosterend                                   1953  – 1969
  • Vele jaren was mevrouw Anna Heeringa vaste invalster.
  • Bennie Huisman , Ritsumazijl                    1969 – 1979
  • Scheffer                                                        1979 –  1980
  • Sjoerd Tolsma                                              1980 –  1998
  • Sjoerd Van der Veen                                     1998 – heden